BED. Ik heb er nog nooit van gehoord. Wat is het precies?
“Binge Eating Disorder wordt ook wel uitgelegd als eetbuienstoornis. Het houdt in dat je eetbuien hebt, waarbij je heel veel eten naar binnen werkt om pijn en emoties niet te hoeven voelen. Het verschil met boulimia is dat je niet compenseert, waardoor je dus aankomt in gewicht.”
Dus je eet eigenlijk alleen maar?
“Ja. Je gaat niet braken of laxeren of extreem sporten om het weer kwijt te raken.”
Hoe oud was je toen het bij jou begon?
“Negen jaar.”
Dat is heel jong!
“Ja.”
Had jouw omgeving in de gaten dat het niet goed ging?
“Nee.”
Hoelang duurde het voordat bij jou de diagnose gesteld werd?
“Ik heb zelf via internet ontdekt dat ik waarschijnlijk een eetstoornis had. Ik heb toen een brief geschreven aan Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa. Zij bevestigden dit en toen ben ik hulp gaan zoeken. Op mijn veertiende werd duidelijk dat ik BED had.”
Hoeveel woog je toen?
“Ik denk dat ik toen al wel tegen de honderd kilo aan zat.”
En jouw ouders hadden nooit gemerkt dat je eetbuien had?
“Ja, mijn moeder wel. Mijn vader werkte altijd, dus die was daar niet zo mee bezig. Als er eten weg was, was het altijd de vraag wie dat gedaan had, maar ik gaf ook heel vaak mijn broer de schuld. Mijn moeder had het wel door: op een gegeven moment deed ze het kastje met snoep en dergelijke op slot. Maar dat hielp niet, want dan kocht ik het zelf wel.”
Waar werd BED bij jou door veroorzaakt?
“Door emotionele problemen. Ik heb een hele moeilijke jeugd gehad en kon alle emoties en spanningen niet aan. Mijn vader was echt een tiran en mishandelde mij en mijn broer, ik werd daarnaast ook nog gepest op school. En thuis mocht ik van mijn vader niet huilen en geen emoties laten zien, waardoor het helemaal mis ging.”
Hoe reageerden jouw ouders toen ze wisten dat je BED had?
“Mijn moeder leefde wel mee en probeerde me te steunen. Mijn vader negeerde het een beetje en wilde er niet over praten. De rest van mijn omgeving wist het eigenlijk niet. Het werd niet aan de grote klok gehangen zeg maar.”
En toen ben je in therapie gegaan. Hoe ging dat?
“Ik kreeg individuele gesprekken en dat ging wel steeds beter. Maar al gauw bleek een groot deel van mijn probleem in het gezin te liggen. We hebben toen een sessie met het gezin gedaan, maar mijn vader wilde daar niet mee verder. Ik ben in de therapie wel sterker geworden en heb meer inzicht gekregen. Maar echt beter ging het pas toen mijn ouders gingen scheiden.”
Hoelang ben je in therapie geweest?
“Een jaar.”
Dus je bent nu zo’n zeven jaar genezen?
“Nou, dat zou je denken, maar helaas is dat niet zo. Ik ben erachter gekomen dat ik nooit helemaal zal genezen. Ik kan er wel mee leren omgaan, maar er zal altijd wel iets blijven. Van die restjes die weer opspelen op moeilijk momenten in mijn leven. Afgelopen zomer heb ik een behoorlijke terugval gehad en ben ik opgenomen geweest in een verslavingskliniek in Amsterdam. Ik was heel erg verslaafd geraakt aan suiker en moest daarvan afkicken. In de kliniek werd uitgelegd dat mensen met een verslaving iets in de hersenen hebben, waardoor ze verslavingsgevoelig zijn. Je kunt wel een aantal dingen doen die je helpen om geen verslavende middelen te nemen, maar je zult altijd moeten blijven knokken om niet toe te geven aan de verslaving.”
Hoe gaat het nu met je?
“Het gaat wel redelijk, maar het is ook zwaar. je moet het zien als een soort tweede stem in je hoofd die je aanzet om allerlei dingen te doen die je kapot maken. En hoe stom het ook lijkt, soms ben je gewoon niet sterk genoeg om niet naar die stem te luisteren en te doen wat goed voor je is. Daarom blijft het zo'n enorme strijd. Het gaat nu heel erg met ups en downs.”
Hoe gevaarlijk kan BED zijn?
“Goed dat je dat vraagt. De meeste artsen en mensen zien het gevaar van BED niet direct. In tegenstelling tot anorexia lijdt het niet direct tot de dood. Maar mensen met BED kunnen heel erg depressief worden en daarbij ook aan zelfmoord gaan denken. Daarnaast is het overgewicht ook een killer voor het lichaam. Ik had op een gegeven moment bijna diabetes. Maar je maakt je hele lichaam kapot: de conditie van je organen verslechtert, je hebt meer kans op diabetes, hart en vaatziekten, je gebit gaat eraan door al het eten enzovoort, enzovoort. Het is dus wel gevaarlijk, juist omdat het vaak pas in een heel laat stadium wordt herkend.”
In hoeverre heeft BED jouw leven beïnvloed? Heb je school bijvoorbeeld af kunnen maken?
“Ik heb mijn school wel af kunnen maken, gelukkig. Maar het beïnvloedt mijn leven wel. Ik ben wie ik ben, maar er hangt ook nog een stukje aan vast wat niet zo leuk is en wat moeilijk is. Je hebt ook niet altijd zin om mensen te vertellen dat het soms zo'n strijd is. Mensen uit je omgeving willen graag dat het goed met je gaat, als het langere tijd niet goed gaat, haken velen af. En ook is het soms lastig om aan mensen te vertellen dat je een eetstoornis hebt. Maar als je dat niet doet, heb je een soort van geheime agenda en heb je het gevoel nooit 100 procent jezelf te kunnen zijn.”
Wat zou je mensen met BED, anorexia of boulimia mee willen geven?
“Zoek hulp! Via internet wordt dat steeds gemakkelijker. En kijk goed welke hulpverlening bij je past. Als je ergens geen klik mee hebt, ga er dan niet mee verder en zoek iets anders. En zoek een lotgenotencontact. Dit kan vaak de eerste stap zijn. Er zijn zelfhulporganisaties die je kunt bellen en mailen en die je echt goed kunnen helpen. En probeer mensen in vertrouwen te nemen, want in je eentje is het heel erg zwaar.”
Hoe ziet jouw leven er nu uit?
“Ik heb een eigen bedrijfje in mozaïek. Daar kan ik alles van mezelf in kwijt. Het helpt me heel erg om positief in het leven te blijven staan. Het geeft me kracht om ervoor te vechten als ik het even niet zie zitten. Verder probeer ik echt mijn sociale contacten goed te onderhouden zodat anderen me kunnen steunen. Ik geniet vaak heel erg van het leven, maar ik heb ook dagen dat ik het niet leuk meer vind. Maar over het algemeen ben ik best tevreden zo.”
En de toekomst?
“Ik zou mijn bedrijfje graag uit zien groeien tot iets groots. Daarnaast zou ik heel graag een relatie willen, maar tegelijkertijd is dat ook eng omdat iemand dan echt dichtbij komt. En in de verre toekomst wil ik misschien kinderen. Maar dan moet ik wel stabiel zijn in mijn ziekte, anders is dat veel te heftig.”
Je hebt een boek geschreven over BED, waarom?
“Om mijn eigen ervaringen kwijt te kunnen en andere mensen te helpen. En om serieuze aandacht te krijgen voor het onderwerp. Er zijn nauwelijks boeken over BED geschreven. ‘Met welke saus raak jij je dip kwijt?’ bestaat uit drie delen. Het eerste deel gaat over wat BED inhoudt, het tweede deel gaat over alle soorten hulpverlening die er zijn en het derde deel bestaat uit tien ervaringsverhalen van mensen die BED hebben of hebben gehad.”
Hoe kijk jij zelf tegen BED aan? Kun je boos of verdrietig worden, omdat dit jou overkomen is, of..?
“Aan de ene kant ben ik blij dat dit me is overkomen, want hoe gek het ook klinkt, het heeft me wel gevormd tot wie ik nu ben. Doordat ik zoveel heb meegemaakt, kan ik me heel goed inleven in mensen en dat zie ik nu als kwaliteit. Aan de andere kant word ik heel verdrietig van het feit dat het zo'n strijd blijft. Ik zou zo graag een onbezorgd leventje willen leiden soms. Ik ben soms heel gefrustreerd, omdat ik er geen zin meer in heb steeds die strijd met mezelf te moeten voeren.”